[Flaptekst]: Professional performance van artsen - Tussen tijd en technologie is de bewerkte oratie van Kiki Lombarts, hoogleraar Professional Performance aan de Universiteit van Amsterdam. Lombarts pleit voor bezinning op de professionele waarden die een goede performance zouden moeten voeden en borgen. Ook pleit ze voor kairos, bescheidenheid, reflectie, empathie, het inhoudelijk debat, gedoseerde transparantie en gepast toezicht gebaseerd op vertrouwen in plaats van op wantrouwen. Stof tot nadenken voor studenten geneeskunde en alle artsen! Mr. Marius Buiting, arts Kwaliteitsmanagementexpert. Directeur Nederlandse Vereniging van Toezichthouders in Zorg en Welzijn Kiki Lombarts brengt binnen professionaliteit een voortreffelijke balans door een appel te doen op hoofd, handen, hart en dat wat degenen die zorg verlenen en die zorg ontvangen bezielt. Prof. dr. Cees van der Vleuten Hoogleraar onderzoek van medisch onderwijs, Universiteit van Maastricht Zelfregulatie is een kerntaak van de professie. Dat is geen eenvoudige taak in een steeds complexere wereld van gezondheidszorg, waarin verantwoording, transparantie en risicobeheersing een steeds dominantere plaats innemen. Kiki Lombarts signaleert de gevaren en zal u inspireren om invulling te geven aan uw kerntaak. Prof. dr. Maas Jan Heineman, gynaecoloog Lid raad van bestuur van het Academisch Medisch Centrum, Amsterdam Kiki Lombarts schreef een prachtige oratie en sprak deze op 3 oktober 2014 met overtuiging uit. Van het begin tot het eind wist ze haar toehoorders te boeien. Ik heb geen woord van haar rede gemist. Haar boodschap is een bron van inspiratie! [ReviewQuote]: WIE KIKI LOMBARTS ZEGT, zegt SETQ. Met de ontwikkeling van dat uiterst succesvolle evaluatiesysteem, waarbij aiossen hun opleiders online feedback geven, begon Lombarts (46) al toen ze nog haar eigen adviespraktijk runde. Nadat het AMC haar in 2010 fulltime had aangesteld, ontwikkelde ze haar (samen met de afdeling Anesthesiologie) opgekweekte geesteskind nog verder. Inmiddels wordt SETQ gebruikt door zo'n negenduizend Nederlandse specialisten en aiossen in meer dan vijftig ziekenhuizen. Maar haar interesses reiken verder dan evaluatiesystemen. In haar recent gehouden oratie brak Lombarts, die in oktober vorig jaar werd benoemd tot hoogleraar Professional Performance, een lans voor een andere manier van medisch handelend aanwezig zijn. Ze wees op het onderscheid tussen chronos en kairos. Zeg maar: de lineaire kloktijd en quality time, waarin het gaat om bewuste aandacht en aanwezigheid voor het hier en nu. Ware professionaliteit kan niet zonder kairotische momenten, stelde Lombarts. En het zijn juist zulke momenten die door tijdgebrek, eeuwige vijand van zorgvuldig handelen, onbereikbaar worden. Negen van de tien artsen klagen over chronisch tijdgebrek. Dus negen van de tien artsen zijn niet echt professioneel? Lombarts:'Zo mag je het niet vertalen. Zie het als een oproep. Chronos is er, klaar. Je heb nu eenmaal een agenda, je hebt afspraken. De hele context nodigt niet tot kairos uit. Juist dat maakt het verstandig om je af te vragen: hoe verhoud ik me tot die tijdsdruk en de vele verplichtingen? De uitdaging is dan om je óók open te stellen voor die totaal andere manier van aanwezig zijn. Bijvoorbeeld door tussen twee patiënten door con- sequent vijftien seconden de tijd te nemen om op te laden. Het contact bewust afsluiten en bewust aan iets anders beginnen. Zonder je schuldig te voelen als het mislukt, want dat is een bekende valkuil. Naarmate je meer ruimte schept voor het toegeven aan kairos zal niet alleen de kwaliteit van je welbevinden, maar ook die van het werk omhoog gaan. Daar is allerlei interessant onder- zoek naar gedaan.' De professional performance van artsen, stelde Lombarts in haar oratie, rust op een drietal pijlers: een voortdurend streven naar excellente zorgverlening, het handelen vanuit medemen- selijkheid en het afleggen van rekenschap over het eigen functioneren. Excellente artsen heb- ben daarmee tenminste twee kenmerken. Ze zijn sterk intrinsiek gemotiveerd en uitermate bescheiden. In elk umc lopen volgens mij landelijk bekende specialisten rond die geen toonbeeld van bescheidenheid zijn.'Misschien hebben die op enig moment geschitterd, maar blijvend excellente zorg leveren lukt volgens mij nooit vanuit een arrogante houding. Authentieke bescheidenheid houdt een arts in de lerende modus. Daarmee blijf je open voor visies van anderen en voor je eigen beperkingen.' U pleit ervoor om praktiserende artsen periodiek te toetsten op de actualiteit van hun kennis.'Klopt. Er zijn ook al diverse beroepsvereni- gingen die dat doen. Het is denkbaar dat zulke toetsingen worden opgenomen in de herre- gistratie-eis. Ze zouden in elk geval common practice moeten zijn. In de Verenigde Staten gaan artsen elke tien jaar de testmolen in en ze hebben echt een probleem als ze het dan niet goed doen. Zelf denk ik niet direct in termen van sancties. Maar de eis van periodieke toet- singen lijkt me vanzelfsprekend om te kunnen waarborgen dat patiënten niet tekort wordt gedaan. Dat is wel het minste wat je van excellente zorgverleners mag verwachten.' Volgens u schiet CanMeds tekort bij het opleiden tot excellente zorgverlener. Leg eens uit.'Ik ben erg voor een medische professie die zichzelf reguleert en zelf toeziet op de kwaliteit. Maar daar moet wel serieus invulling aan worden gegeven. Als je via een competentiesysteem gedragswetenschappers macht geeft over jouw opleiding, ben je naar mijn overtuiging aan het deprofessionaliseren. Alleen al omdat elk systeem werkt met een noodzakelijkerwijs beperkte lijst van menselijke gedragingen. Ik constateer dat er gaandeweg zo'n monomane gerichtheid op die competentielijsten is ontstaan, dat de link met professionele waarden verloren gaat. De KPB-formulieren worden afvinklijstjes en dat noemen we dan feedback geven. CanMeds is geen onzin, begrijp me goed, maar de waarheid is het allerminst. Enerzijds omdat excellente zorgverleners ook excellent zijn in het combineren van al die competenties. Anderzijds omdat CanMeds voorbijgaat aan een aantal onontbeerlijke drijfveren, deugden en vaardigheden. Ex- cellentie vereist bijvoorbeeld ook zelfreflectie, bescheidenheid, intrinsieke motivatie en de wil om de lat hoog te leggen.' En dat mist u allemaal in het AMC-curriculum?'Dat durf ik zo niet te zeggen, daar ken ik het niet goed genoeg voor. Maar elk curriculum dat al- leen op competenties is gebaseerd, schiet tekort. Neem medemenselijkheid. Dat is geen competen- tie, het is een staat van zijn. Medemenselijkheid betekent compassie en empathie, en geen arts zal het belang daarvan ontkennen. Maar wat zien we? Gedurende de opleidingstijd neemt het empathisch vermogen van studenten en aiossen áf. Daar zul je als opleider toch iets mee moeten.' Veel van die deugden lijken me nogal moeilijk aan te leren.'Daar moet zeker nog meer over worden nagedacht. Rolmodellen blijken in de praktijk enorm belangrijk. Maar het gaat ook om de juiste incentives. Als een raad van bestuur met de mond belijdt dat excellentie belangrijk is, maar beslissingen neemt die vooral gebaseerd zijn op eco- nomische waarden, ben je al op de verkeerde weg. Draait het werkelijk om kwaliteit, dan is het zaak om dat in alle gremia onophoudelijk uit te dragen.' Zo'n curriculum wordt natuurlijk overvol, voor zover het dat nog niet was. En dan moeten die arme studenten ook nog eens leren toegeven aan kairos.'Dat is vanuit chronos gedacht! Het gaat niet om nog twee of drie uurtje erbij, uurtje die we dan wijden aan bescheidenheid of intrinsieke motivatie of kairos. Bij al dit soort dingen gaat het om een bewustwording die je overal in kunt meenemen. Er moeten tal van manieren zijn om zulke zaken op een niet-instrumentele manier in het curriculum op te nemen. Als het aan mij ligt, starten we morgen al met een groep die daarover gaat praten en nadenken. Ik weet zeker dat er belangstelling voor is.' -'Het competentiemodel ondermijnt echte professionaliteit' In haar oratie in oktober laakte Kiki Lombarts, hoogleraar Professional Performance, de verabsolutering van het CanMeds-model.'Je bent er niet met het afstrepen van een lijstje competenties'. Want excellente zorgverlening vraagt om nog heel andere kwaliteiten, zoals het toelaten van kairos.'Geen arts zal het belang van empathie ontkennen. Maar wat zien we? Gedurende de opleidingstijd neemt het empathisch vermogen van studenten en aiossen áf.'