[Flaptekst]: Het probleem is niet dat we het niet goed hebben, het probleem is dat we niet weten hoe het beter kan. In deze tijd, met koopkracht als laatste ideaal, schetst historicus Rutger Bregman nieuwe vergezichten. Van een basisinkomen voor iedereen tot een werkweek van vijftien uur, van een wereld zonder grenzen tot een wereld zonder armoede - het is tijd voor de terugkeer van de utopie. Laat je meenemen op een reis door de geschiedenis en maak kennis met ideeën die tegen de tijdgeest ingaan, dwars door de oude scheidslijn van links en rechts heen. Gratis geld voor iedereen is een overrompelend boek dat je wereldbeeld op zijn kop zet. Het is geschreven in de overtuiging dat de wereld niet wordt geregeerd door lobbyisten, zakenlui of politici zonder visie. De wereld wordt geregeerd door ideeën en de kracht van de verbeelding. Alles wat we nu beschaving noemen, is begonnen in de hoofden van wereldvreemde dromers. Zoals ook het einde van de slavernij en de democratie eens onmogelijk leken, zo kan ook in deze eeuw het utopische werkelijkheid worden. Over de auteur Rutger Bregman (1988) studeerde geschiedenis aan de universiteiten van Utrecht en Los Angeles. In 2012 publiceerde hij Met de kennis van toen; een jaar later volgde het veelgeprezen De geschiedenis van de vooruitgang (bekroond met de Liberales-prijs voor het beste boek van 2013). Sinds september 2013 schrijft hij voor het online journalistieke platform De Correspondent. Zijn artikel over het basisinkomen werd online al honderdduizenden keren gelezen, genomineerd voor de European Press Prize en overgenomen door de Amerikaanse krant The Washington Post. In februari 2014 stond Bregman centraal in zijn Tegenlicht-documentaire:'De noodzaak van een utopie'. Dit boek is een uitgave van De Correspondent, een dagelijks medicijn tegen de waan van de dag. Lees de nieuwste artikelen van Rutger Bregman op decorrespondent.nl/rutgerbregman.[ReviewQuote]: Als je de wereld wil verbeteren, begin je daar maar best zo vroeg mogelijk mee. En dus is de 26-jarige Nederlandse historicus en schrijver Rutger Bregman met'Gratis geld voor iedereen' inmiddels al aan zijn derde boek toe.'Waar zijn de grote ideeën over onze samenleving gebleven?', vraagt hij zich af.Een werkweek van 15 uren, gecombineerd met een basisinkomen. Dat is wat de Nederlandse historicus Rutger Bregman op tafel legt. Heel wat kritiek komt zijn richting uit, maar de schrijver vindt het een goed idee, legt hij uit aan Knack.'Gratis geld voor iedereen' kreeg het derde boek van Ruger Bregman als titel mee. Daarin schuift hij alweer een aantal verrassende ideeën naar voren om onze maatschappij te verbeteren. Zo wil hij gratis geld uitdelen""omdat dat de efficiëntste manier is om de armen te helpen"". Ook de werkweek van slechts 15 uren moet volgens hem tegen 2030 uitgebouwd worden. Een nogal radicaal idee, die op heel wat verzet stuit. Zo waarschuwt Vlaams arbeidsdeskundige Jan Denys dat zo'n systeem voor een groot inkomensverlies in de lagere beroepscategorieën zal zorgen. Daarnaast zal extra vrije tijd alleen maar meer stress veroorzaken. Maar daar heeft Bergman een oplossing voor.""Als we meer vrije tijd krijgen, moeten we ook het onderwijs herinrichten, niet alleen met de vraag wat je op de arbeidsmarkt moet doen, maar ook wat je met je leven en je vrije tijd moet aanvangen. Als je uitgeput thuiskomt van het werk, grijp je sneller naar makkelijke vormen van ontspanning."" Het inkomensverlies wil hij daarentegen oplossen door een basisinkomen te voorzien.""Ik ben absoluut geen revolutionair"", aldus Bergman.""Laten we het stapje voor stapje doen. En als blijkt dat een idee niet werkt, dat een basisinkomen bijvoorbeeld mensen massaal doet stoppen met werken, dan ben ik de eerste om te roepen:'Stop, keer terug'.""Een basisinkomen voor iedereen en een 15-urige werkweek. In zijn boek'Gratis geld voor iedereen' pleit de Nederlandse wonderboy Rutger Bregman vurig voor de terugkeer van het utopische denken.'Haalbaarheid is zowat het saaiste woord dat ik ken.''Het probleem is niet dat we het niet goed hebben, het probleem is dat we niet weten hoe het beter kan.' En dus zette historicus Rutger Bregman zich aan de tekentafel. Zijn pijlers voor een betere wereld: gratis geld voor iedereen, werkweken van 15 uur en een opengrenzenbeleid. Gesprek met een beeldenstormer van amper 26.**** Het nieuwe boek van Rutger Bregman is wetenschap met een hamer bedreven - om maar meteen met Nietzsche te spreken - maar als we zo rond de derde dinsdag in september toch aan het corvee van het economische beschouwen moeten, lijkt Bregman lezen een betere , in elk geval veel aangenamere, keuze dan het volgen van de Haagse haarkloverijen. Met verve beargumenteert hij niets minder dan de grootste economische hervorming aller tijden. Achter de enigszins lachwekkende titel Gratis geld voor iedereen gaat een lach-opwekkend boek schuil. Een lach, in de eerste plaats, bij het bevrijdende gevoel dat je krijgt van het langzaam kantelende beeld: in weerwil van alle crises in de wereld is het glas toch niet half leeg, maar ruimschoots halfvol. En dan een lach om jezelf, want kijk daar ga je weer: het beeld van het glas, half leeg of half vol, is en blijft passief. Bregman (1988, historicus en journalist) wil juist duidelijk maken dat wij zelf de schenkers en de drinkers zijn. Zeg niet: het glas is half vol, maar zeg: wij hebben het glas tot de helft gevuld. Ideologisch is Bregman moeilijk te duiden, maar een fatalist is hij in elk geval niet, de toekomst vraagt volgens hem om door ons te worden vormgegeven. Een lach vervolgens om de buitelingen van idealisme en pragmatisme, de wals van linkse en rechtse idealen ('armoede bestrijden is niet alleen goed voor het geweten, het is ook goed voor de portemonnee'), historische analyses en toekomstvisioenen van'win-win-win-beleid' die het boek bevat. Leve de branie en branie heeft Bregman genoeg.'Ik ben geen econoom dus pin me er niet op vast', zegt hij ergens halverwege, alsof hij duidelijk wil maken dat het gaat om het idee, niet om de getallen. In zijn dankwoord neemt hij'alle onhaalbare illusies' zonder voorbehoud voor zijn rekening. Kom daar eens om op Prinsjesdag. Een lach vervolgens om de buitelingen van idealisme en pragmatisme, de wals van linkse en rechtse idealen ('armoede bestrijden is niet alleen goed voor het geweten, het is ook goed voor de portemonnee'), historische analyses en toekomstvisioenen van'win-win-win-beleid' die het boek bevat. Leve de branie en branie heeft Bregman genoeg.'Ik ben geen econoom dus pin me er niet op vast', zegt hij ergens halverwege, alsof hij duidelijk wil maken dat het gaat om het idee, niet om de getallen. In zijn dankwoord neemt hij'alle onhaalbare illusies' zonder voorbehoud voor zijn rekening. Kom daar eens om op Prinsjesdag. En een lach tenslotte om de stijl van dit in wezen zwaar theoretische boek, met zijn staccato imperatieven:'Enter: de doos' (over de betekenis van containervervoer),'Maak kennis met de Luddieten' (over de vergeefse strijd tegen automatisering) en vooral:'Begrijp me niet verkeerd' (in elk hoofdstuk). Wie Thomas Piketty niet heeft gelezen en ook niet wist wat Pigouviaanse belastingen zijn, kan zich met dit boek een mening vormen over vraagstukken als ongelijkheid, maakbaarheid van de samenleving en vrijheid. Vrijheid, status en tijdsbesteding van elk individu ter wereld worden bepaald door zijn of haar positie op de arbeidsmarkt. Het is Bregmans tour de force om a) te laten zien dat'het dogma dat je moet werken voor je geld' geen natuurwet is maar een keuze, die we zouden kunnen inwisselen voor een andere en b) dat zo'n omwisseling dringend gewenst is, nu wij aan het begin staan van het'Tweede Machine Tijdperk' (enter: de robot). Nieuw is het allemaal niet wat Bregman beweert en economisch zal het vast hier te kort en daar te breed zijn, maar het zou mooi zijn als hij daar niet op wordt vastgepind en zijn ideeën een plaats kunnen krijgen in de volgende Troonrede.